Daarnaast specialiseerde hij zich in het waterbeheer, een onderwerp dat zijn vader hem aan de hand deed. Na zijn stage bij de luchtmacht hield de prins zich aanvankelijk bezig met de rechterlijke macht, het binnenlands bestuur en vanaf 1997 met het Nederlandse bedrijfsleven. Na het behalen van zijn bul begon zijn voorbereiding op het koningschap. De scriptie is door Willem-Alexander niet openbaar gemaakt en de Universiteitsbibliotheek Leiden nam destijds nimmer afstudeerscripties op in de openbare collectie. In 1993 behaalde Willem-Alexander zijn doctoraalexamen geschiedenis; zijn afstudeerscriptie ging over de koning bet casino Nederlandse reactie op het besluit van Frankrijk om binnen de NAVO een ‘status aparte’ in te nemen.
Het bracht geen huwelijksgeluk, want ze wilde opnieuw van haar echtgenoot weg. Hij zou haar dwingen tot “schandalige handelingen die de zeden en de waardigheid kwetsen van iedere vrouw”. Al in 1842 wilde Sophie gescheiden van haar echtgenoot gaan wonen. Het werd een slecht huwelijk, mede door Willems nauwelijks verholen buitenechtelijke affaires, andere seksuele uitspattingen en grillige karakter.
Andere geplande bezoeken werden juist vanwege de coronacrisis uitgesteld of geannuleerd, zoals Koningsdag. Op 20 maart sprak de Koning op de televisie het Nederlandse volk toe. De bedoeling daarvan was dat het kroonprinselijk paar in het licht van de kritiek naar buiten toe de indruk wilde geven dat het meer afstand genomen had tot het project.
Jaarlijks verscheen hij als kroonprins ongeveer 110 keer bij officiële gelegenheden. Zijn studentenhuis, dat hij met drie huisgenoten deelde, stond aan het Rapenburg 116. Tijdens zijn studententijd was de prins lid van de Leidse Studenten Vereniging Minerva. Toen de prins de leeftijd van achttien jaar bereikte, werd hem zitting verleend in de Raad van State, het hoogste adviescollege van de Nederlandse regering. Toen Beatrix in 1980 koningin werd, kreeg haar oudste zoon automatisch de titel Prins van Oranje. Willem-Alexander Claus George Ferdinand, koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, jonkheer van Amsberg (Utrecht, 27 april 1967) is sinds 30 april 2013 Koning der Nederlanden.
Voorbeelden van ‘s konings onhebbelijke natuur zijn goed gedocumenteerd. Op het Congres van Londen van 1867 ter regeling van de Luxemburgse kwestie werd overeengekomen dat Luxemburg patrimoniaal eigendom van het huis (Oranje-)Nassau zou blijven, echter wel als politiek neutraal gebied. Op alle tussenliggende stations, Arnhem, Rotterdam en Delft, werden ze met een serenade opgewacht en in Den Haag werden de koninklijke broers door een grote menigte enthousiast onthaald. Eind februari 1855 trad de dooi in en kruiend ijs in de grote rivieren veroorzaakte vanaf 4 maart diverse dijkbreuken. De koning drong hetzelfde jaar aan op een verhoging van de defensie-uitgaven in verband met een dreigende oorlog tussen Oostenrijk en Sardinië.
Na het overlijden van zijn vader volgde hij hem op als koning der Nederlanden. Na de troonsafstand van zijn grootvader koning Willem I in 1840 werd hij de prins van Oranje. De graaf en gravinnen Claus-Casimir, Eloise en Leonore van Oranje-Nassau van Amsberg (kinderen van prins Constantijn en prinses Laurentien) zijn wel erfopvolgers, maar geen lid van het Koninklijk Huis, aangezien ze een verwantschap in de derde graad hebben met de koning. Leden van het Koninklijk Huis zijn zij die krachtens de Grondwet de koning kunnen opvolgen en aan hem verwant zijn in de eerste of tweede graad van bloedverwantschap, alsmede het staatshoofd dat afstand van het koningschap heeft gedaan.
- De dragers lieten de lijkkist uit hun handen glijden en bij het binnendragen in de kerk zou de doodskist “als een piano versjouwd” zijn.
- De Koning overlegt wekelijks met de minister-president en spreekt regelmatig met ministers en staatssecretarissen.
- De dood van Alexander, aan de vooravond van Willems 31ste verjaardag, was een zware klap.
- Tevens werd vastgelegd dat hij zijn IOC-functie zou neerleggen op het moment dat hij koning werd.
- Het Koninklijk Huis is in het Koninkrijk der Nederlanden dat deel van de koninklijke familie dat gerechtigd is tot de troon én onder de ministeriële verantwoordelijkheid valt.
Voorbereiding op het koningschap
De Grondwet bepaalt dat de Koning ministers en staatssecretarissen benoemt en ontslaat en dat zij ten overstaan van het staatshoofd worden beëdigd. Daar waar het lidmaatschap van het Koninklijk Huis vooral wordt bepaald door aangelegenheden rondom het staatsrecht, wordt zoals bij elke familie in Nederland door het personen- en familierecht bepaald wie lid is van de koninklijke familie. Gravin Eloise, graaf Claus-Casimir en gravin Leonore verloren op dat moment eveneens hun lidmaatschap van het Koninklijk Huis (de Wet lidmaatschap Koninklijk Huis vereist hiervoor een bloedverwantschap met de koning in maximaal de tweede graad), maar behielden hun recht op erfopvolging.
Luxemburgse kwestie
Na het overlijden van Sophie in 1877 had koning Willem III de mogelijkheid om weer een huwelijk te sluiten. Willem III zag liever dat zijn oudste zoon zou trouwen met een buitenlandse prinses, maar gaf aan dat hij misschien toch akkoord zou gaan met een huwelijk met een buitenlandse gravin of hertogin. Deze wilde trouwen met Mathilde gravin van Limburg Stirum, maar de koning en koningin weigerden hun toestemming te geven. Toen zijn vader op 17 maart 1849 stierf, bevond Willem zich voor een verblijf van drie maanden in Engeland.
Hij werd de ‘Waterheld van Het Loo’ genoemd, vrij naar zijn vader die wegens diens militaire successen tegen de troepen van Napoleon Bonaparte bekendstond als de ‘Held van Waterloo’. Toen na hun bezoek opnieuw dijken doorbraken, vertrokken Willem en zijn broer op 3 februari opnieuw naar de onder water gelopen streken. Op 24 januari bezocht Willem met zijn broer Hendrik de getroffen gebieden.
Omdat de koning niet bereid was terug te komen op zijn weigering om het regeringsstandpunt uit te dragen, trad de ministerraad af. Toen Willem III in Amsterdam een anti-rooms-katholieke petitie kreeg aangeboden hield hij een gloedvolle rede, die de hoogopgelopen gemoederen overigens ook onmiddellijk deed bedaren. In april dat jaar vond alsnog een feestelijke inhuldiging van het bruidspaar plaats. Tweede keus was een dochter van de verdreven koning George V van Hannover, maar die weigerde. Een huwelijk met een Nederlandse gravin bleef voor hem evenwel uitgesloten. Van zijn enige overgebleven broer Alexander viel namelijk evenmin een huwelijk te verwachten.